Wanneer mag je eigenlijk even opstaan? Een ervaring uit het Moef-traject.
Het voelt logisch om op te staan als je koffie gaat halen.
Of als je even moet bellen.
Dan heb je een reden.
Zonder reden opstaan voelt gek.
Alsof je niets te doen hebt.
Alsof je aan het lanterfanten bent.
Dat is wat zij beschreef. Heel nuchter.
Niet als klacht. Meer als constatering.
“Best gek eigenlijk.”
Ze merkte het pas toen ze opstond om water te halen.
Hoe stijf haar lichaam was.
Hoe haar nek vastzat.
Niet dramatisch. Gewoon voelbaar.
Dat gevoel is nu minder.
Niet omdat ze ineens meer sport.
Maar omdat ze elk half uur even beweegt.
Kort. Klein. Onopvallend.
En toch ging dat opstaan niet vanzelf.
Soms gingen meerdere signalen tegelijk af.
Dan was het grappig.
Samen even een oefening doen.
Samen bewegen voelt veilig.
Maar op andere momenten stond ze alleen op.
Even rekken. Even een rondje lopen.
En dan viel het op.
Niet omdat iemand daar iets van vond.
Niet omdat collega’s moeilijk deden.
Dat ongemak lag bij haarzelf.
Een klein kantoor.
Je staat op. Anderen blijven zitten.
En ineens voel je dat je zichtbaar bent.
Ze stelde het soms uit.
Elke dag wel één keer.
Omdat de focus er net was.
Omdat ze niet onderbroken wilde worden.
Maar door de routine voelde een uur zitten ineens lang.
En daarna stond ze toch op.
Om los te koppelen van haar computer.
Even bewegen. Even weg.
Het vreemde was niet het bewegen zelf.
Het vreemde was dat ze het gevoel had
dat ze daar een reden voor nodig had.
Koffie halen voelde logisch.
Een belletje plegen ook.
Maar gewoon opstaan om even te bewegen
voelde minder legitiem.
Dat gevoel is langzaam afgenomen.
Zonder dat ze daar bewust mee bezig was.
Wat ze merkte, was lichamelijk.
Minder nekklachten.
Minder stijfheid.
Meer rust in haar lijf.
Ze was eerlijk: ze was sceptisch.
Ze geloofde best dat bewegen goed was.
Maar dat het echt effect zou hebben op haar nek, haar rug, haar concentratie
dat had ze niet verwacht.
Er is geen groot inzicht gekomen.
Geen nieuwe kijk op werk.
Ze ging altijd al met plezier naar haar werk.
Maar het is wel fijner geworden
om momenten te hebben om los te koppelen.
Zeker als je weet dat er een chaotische dag voor de deur staat.
Wat hier blijft hangen,
is geen succesverhaal.
Geen verzonnen voorbeeld.
Geen opgeblazen case.
Dit is geen marketing.
Geen belofte.
Geen truc.
Dit is het letterlijke, eerlijke verhaal
van één van de eerste deelnemers.
Nuchter opgeschreven.
Zonder dat ze vooraf wist wat het zou opleveren.
En misschien is dat precies wat het zo raak maakt.
Want het roept een simpele vraag op:
Waarom vinden we het logisch om op te staan voor koffie
maar niet om op te staan voor ons lichaam?
Misschien zit het probleem niet in motivatie.
Niet in discipline.
Niet in weten wat goed voor je is.
Misschien zit het in de ongeschreven regel
dat pauze verdiend moet worden.
En dat gewoon even opstaan
nog steeds voelt alsof je daar eerst een reden voor moet hebben.